De Westie is een terriër — een ras gefokt om snel te bewegen en zijn eigen pad te kiezen. Aan de lijn lopen vraagt van hem iets wat niet in zijn natuur zit: jouw tempo en route volgen. Met de juiste aanpak leert hij het, maar verwacht tijd en consistentie.

Waarom straf werkt averechts

Aan de lijn rukken, schreeuwen of straffende halsbanden (stroomhalsbanden, prikhalsbanden) lossen het trekken niet op. Ze verhogen de spanning en kunnen tot angst of agressie leiden. De meeste honden trekken harder na een ruk, niet minder.

De stop-en-wacht methode

Zodra de lijn strak staat: stop. Beweeg niet. Wacht tot je hond terugkomt of de lijn slap maakt. Dan: stap direct verder. Hij leert: trekken = stilstaan. Geen trek = we gaan verder. Dit kost aanvankelijk geduld — een wandeling van 200 meter kan 20 minuten duren. Maar het werkt.

De richtingsverandering

Zodra hij trekt: draai om en loop de andere kant op. Geen commando, geen spanning. Hij volgt je vanzelf (lijn). Herhaal telkens hij trekt. Na een paar sessies begint hij meer op jou te letten in plaats van vooruit te turen.

Belonen op de juiste positie

Loop met snacks aan je zij (de kant waar hij moet lopen). Beloon hem telkens als hij naast jou loopt met een losse lijn. Eerst elke paar stappen, later op steeds grotere intervallen. Zo leert hij: naast jou is de meest belonenswaardigste plek.

Het juiste materiaal

Snuffelmoment inbouwen: Plan in elke wandeling ook vrije snuffelminuten waar hij zijn eigen tempo mag bepalen. Dit vermindert de frustratie van gecontroleerd lopen enorm.